Home | Overige

De wassing (woedoe) is een zuivering van zonden


In de tijd dat Islam in het geheim werd verspreid in Mekka was er een man genaamd Amr bin Abasa. Hij was een lid van de stammen die in de woestijn leefden. Amr bin Abasa was verbaasd over deze nieuwe religie. Hij begaf zich richting Mekka om meer kennis hierover te zoeken. Toen hij in Mekka was gearriveerd, sprak hij met onze Profeet:

Amr zei tegen onze Profeet:

-  Wie ben je en waar handel je in? Onze Profeet antwoordde:

-  Ik ben een profeet.

-  Wie stuurde jou? vroeg hij.

-  Allah heeft mij gestuurd, zei onze Profeet.

-  Welke plichten heeft Allah jou gegeven?

-  Hij stuurde mij met de verantwoordelijkheid van de prediking, voor het helpen van familieleden en aardig tegen hen te zijn, voor het kapotmaken van idolen, voor de erkenning van Allah als Eén en voor het niet aan Hem toeschrijven van een partner.

-  Is er iemand die je hierbij helpt?

-  Een vrije man en een slaaf.

Op die dag waren alleen de metgezellen Abu Bakr en Bilal bij onze Profeet. De man zei:

-  Ik wil bij u aansluiten en u helpen door bij u te blijven.

-  Onze Profeet zei:

Vandaag kan je niet doen wat je voorstelde. Je ziet mijn situatie hier in Mekka? Ga nu terug naar je familie. Wanneer je hoort dat ik in het openbaar ben getreden, kom dan naar mij toe.

Amr bin Abasa is moslim geworden door Amr bin Abasa is moslim geworden door te getuigen dat er geen god naast de Enige God is en dat de Profeet Mohammed Zijn boodschapper is (de geloofsbelijdenis). Hij verbleef een tijdje bij onze Profeet en ging toen terug naar zijn huis. In die tijd waren de vijf dagelijkse gebeden nog niet verplicht. Om deze reden had onze Profeet hem niet verteld over het gebed.

-  Jaren later, na deze gebeurtenis en na de migratie van de Profeet van Mekka naar Medina, vernam Amr van deze migratie en bezocht hij hem. Amr zei:

-  O Boodschapper van Allah, herinner je je mij nog? Onze Profeet zei:

Ja! Ben jij niet degene die ik in Mekka heb ontmoet? Amr antwoordde hierop met: "Ja!" En vervolgde zijn antwoord met: O Boodschapper van Allah, leer mij de dingen die Allah jou in die tijd heeft geleerd.

Onze Profeet legde Amr de vijf verplichte gebeden en de gebedstijden uit, en eveneens dat er voor het bidden gewassen (woedoe) moet worden. Hij zei het volgende over de wassing (woedoe):

- Degene die water klaar heeft gezet om de wassing (de woedoe) te verrichten, moet water in zijn mond en in zijn neusgaten doen, en hij reinigt zijn neus. Voorzeker, de zonden van het gezicht, de mond en de neus zullen wegvallen. Indien hij zijn gezicht wast zoals Allah het heeft bevolen, zal zijn gezicht van zondes worden gezuiverd wanneer het water van zijn baard afdruppelt. Indien hij zijn armen wast, inclusief zijn ellebogen, worden zijn armen verschoond van zondes wanneer het wa­ter ervan afdruppelt. Als hij zijn hoofd wast, zul­len de zondes van zijn hoofd afvallen als het water van zijn haar afdruppelt. Indien hij dan zijn voeten wast, inclusief zijn tenen, zullen zijn zondes van zijn voeten vergaan als het water van zijn tenen afdruppelt. Indien de persoon, nadat hij zich heeft gewassen, zijn gebed verricht, Allah bedankt, Allah verheerlijkt en Hem prijst zoals het Hem toekomt en zijn hart aan Hem geeft, dan is hij voorzeker zo puur als de dag waarop hij is geboren, zonder enige zonde. (Moeslim, Moesafiriin, 294)

 

 

Share this